Vruchten

De opbrengst van Moestuinmaarn is op verschillende manieren te bekijken. Alleereerst levert de tuin echte vruchten op, zoals radijsjes, venkel en frambozen, als beloning voor het werk en als kroon op het gedeelde plezier. Weinig dingen smaken beter dan zelfgeteelde en zelfgeplukte aardbeien aan het begin van de zomer. En toch gaat het niet alleen daarom bij Moestuinmaarn. Er zijn veel meer vruchten te plukken:

Natuuronderwijs
Met activiteiten sluit de moestuin aan bij de doelen voor natuuronderwijs. Deze doelen gaan in op kennis, vaardigheden en attitude. Zo leren leerlingen bijvoorbeeld hoe planten groeien, van zaadje tot vrucht. Ze leren de rol van insecten bij de bestuiving. Ze ontdekken hoe je planten kunt zaaien en dieren verzorgen. Of maken lekkere en gezonde maaltijden met ingrediënten uit de tuin. En dat leren ze allemaal door te doen, te ontdekken en ervaren. Het buiten werken in en met de tuin biedt hen een natuurbeleving, waardoor ze waarde gaan hechten aan de natuur. Net als hun ouders, die gekozen hebben voor wonen in een groene omgeving. Moestuinmaarn draagt zo haar steentje bij aan het thema duurzaamheid op school.

De vorm, waarin Moestuinmaarn natuuronderwijs aanbiedt, is in ontwikkeling. Op dit moment gaat het voornamelijk om werken in de moestuin en losse activiteiten voor kleine groepjes leerlingen. In overleg met de basisscholen in Maarn wordt onderzocht hoe dit kan worden uitgebreid.

Ontwerpend en onderzoekend leren
Aansluitend bij het natuuronderwijs, passen activiteiten in de moestuin bij ontwerpend en ontdekkend leren (OOL). Ontdekkend leren gaat uit van de nieuwsgierigheid van de leerlingen. Ze leren onderzoek uitvoeren en hun eigen vragen beantwoorden. De moestuin is een uitstekende plek voor kleine en grote onderzoeken naar ‘echte’ vragen. Wat gebeurt er als een plant geen zonlicht krijgt? Helpen regenwormen bij de  groei van planten?

Bij ontwerpend leren gaan leerlingen zelf oplossingen ontwerpen voor problemen of behoeften. Daarna realiseren ze deze in de praktijk. Zoals een zaai- en oogstbord met een afdakje. Bij het realisering van praktische zaken worden nu al de kinderen uit de moestuin betrokken. Zij denken mee en werken onder begeleiding van een iemand uit het moestuinteam aan de uitvoering. Zo hebben leerlingen een ren voor het kippenhok getekend en gebouwd. Nu de moestuin groeit zijn er vele mogelijkheden voor ontwerpend leren.

OOL levert de ‘maaksels’ zelf op én doet een beroep op allerlei 21e eeuwse vaardigheden. Leerlingen leren o.a. vragen stellen, problemen analyseren, oplossingen bedenken en communiceren en samenwerken. Leerlingen (en ouders!) ontdekken en ontwikkelen hierbij hun eigen talenten. Fouten maken is onderdeel van het leerproces, dus dat mag. Om de processen van OOL te versterken is meer structuur nodig. Kennis en ervaring hiermee is binnen het moestuinteam aanwezig. In overleg met scholen wordt onderzocht hoe dit vorm kan krijgen.

Verbinding
Vanzelfsprekend wordt er veel samengewerkt in de moestuin. Het is daarmee ook een voedingsbodem voor cöoperatief leren. Leerlingen leren niet alleen van de leerkracht (of begeleider) maar ook van elkaar.

Om de moestuin tot bloei te laten komen is een grote verscheidenheid aan vaardigheden nodig. Ieder heeft zijn eigen talenten en zo kan elk individu, van leerling tot ouder of leerkracht, iets van zichzelf kwijt in de tuin. Elk idee is samen bespreekbaar en dat bevordert ieders inbreng. Het maakt dat iedereen zichzelf mag zijn en dat er ruimte is om te delen en leren van elkaar. Dit zorgt voor betrokkenheid en verbinding: binnen een groepje leerlingen, een klas of tussen ouder en kind. Bovendien ontstaan vanuit deze openheid de leukste ideeën.

Als ontmoetingsplek legt de moestuin ook verbinding met gebruikers buiten de school. Doordat jong en oud met elkaar van de groene oase genieten of samen een activiteit uitvoeren. Voor leerlingen betekent dat ook dat ze in contact komen met andere groepen uit de samenleving, zoals ouderen of mensen met een verstandelijke of lichamelijke beperking.